Inleiding
We leven in een tijd waar vaak beide ouders moeten werken om het financieel te kunnen bolwerken en te willen voldoen aan eigen levensstandaarden. Leven op één salaris, waarbij moeder zorgt voor de kinderen is iets wat je niet veel meer tegenkomt. De tijden zijn echt veranderd.
Deze tijden hebben ervoor gezorgd dat veel kinderen vanaf 3 a 4 maanden al naar het kinderdagverblijf worden gebracht. In de jaren dat ik op een vaste babygroep stond, heb ik regelmatig gehoord dat moeders hun kindje liever wat langer thuis hadden gehouden, maar het aantal verlofdagen dit niet toeliet. Voor de ouder was dit vaak heel moeilijk en verdrietig. Dit maakte het lastig om het kindje achter te laten in vertrouwen. Vaak was er een licht schuldgevoel in de onderlaag voelbaar en was de ouder (meestal moeder) vaak emotioneel nog niet helemaal klaar voor deze grote stap.
Als de ouder het lastig heeft, dan heeft het kindje dat ook. Kinderen voelen alles haarfijn aan. Hierom zeg ik ook altijd tegen ouders, begin minstens een maand voor aanvang met de voorbereiding, zodat zowel voor ouder als kind de overgang zachtjes en geleidelijk aan verloopt en het stressniveau binnen de perken blijft.
Wat houdt deze voorbereiding nou precies in? En wat kun je het beste doen om voor een goede overgang te zorgen? In deze drie opeenvolgende artikelen zal ik stapsgewijs dit trachten uit te leggen.
- Enkele uren gescheiden zijn van elkaar
- Zelfstandig kunnen (in)slapen in bedje
- Kunnen drinken uit een fles
Ik hoop dat deze artikelenreeks jullie rust en vertrouwen zullen bieden. Zodat jullie met een gerust en “voorbereid’ hart klaar zijn om jullie kostbaarste bezit in de zorgzame handen van de pedagogisch professionals over te dragen.
Binnenkort meer over het wenproces.


